hindernisGisteren was dag 5 van een in company training progressiegericht leidinggeven met een groep van ongeveer 20 leidinggevenden van een grote MBO instelling. We behandelden het onderwerp emotieregulatie. We reikten een aantal tips aan om je emoties te reguleren en de deelnemers bekeken welke van die tips ze al benutten en welke ze eens wilden gaan uitproberen. Tijdens het bespreken van de tips vertelden we nu en dan over de wetenschappelijke achtergronden van die technieken.

Eén deelnemer zei in reactie op de uitleg van de wetenschappelijke achtergronden van één van de tips:”Ja, dat zal zeker zo werken, dat geloof ik wel….en, het IS ook echt zo”. Daarmee drukte ze uit dat ze de persoonlijke ervaring had dat het inderdaad zo werkte en dat die persoonlijke ervaring voor haar zeker zo overtuigend was als de toelichting van de wetenschappelijke achtergronden.

Je persoonlijke ervaring dat iets werkt en het objectieve bewijs dat iets werkt zijn beide een positieve beïnvloeder van de autonome intentie om het betreffende gedrag te gaan uitvoeren. Deze kennis gebruiken we om deelnemers in onze trainingen te ondersteunen om progressiegericht te leren werken. Als je progressiegerichte aanpak goed wilt leren doorgronden, dan werkt het het beste om heen en weer te pendelen tussen de praktische technieken en toepassing van die technieken (zodat je ervaring opdoet) en het verwerven van kennis van de (wetenschappelijke) achtergronden en overtuigingen die aan de technieken ten grondslag liggen (zodat je objectieve bewijzen krijgt).

De praktische technieken die er onder andere voorhanden zijn om je emoties te reguleren vind je hier. De belangrijkste wetenschappelijke achtergronden die ten grondslag liggen aan de technieken van progressiegerichte emotieregulatie zijn deze:

De zelfdeterminatie theorie
De kwaliteit van je motivatie om je emoties te reguleren is bepalend voor de kwaliteit van je daadwerkelijke emotieregulatie, je doorzettingsvermogen en je gevoelens over je emotieregulatie. Als je gecontroleerd gemotiveerd bent om je emoties te reguleren, bijvoorbeeld omdat je omgeving afkeurend reageert op je boosheid en je alleen waardeert wanneer je je boosheid niet uit, dan ga je je emoties onderdrukken in plaats van reguleren. Je emoties mogen er dan niet zijn, terwijl ze er wel zijn. Je dwingt jezelf of je wordt gedwongen je emoties niet te uiten. Dat gaat gepaard met een lage kwaliteit van emotieregulatie. Je blijft bijvoorbeeld met op elkaar geperste lippen stil, met inwendig allerlei boze gedachten. Of je zegt “ik begrijp het wel hoor”, terwijl in je intonatie je kwaadheid en verontwaardiging doorklinkt. Je kunt ook autonoom gemotiveerd zijn om je emoties te reguleren, bijvoorbeeld omdat je er waarde aan hecht om een belangrijk doel te bereiken en je je realiseert dat als je je laat leiden door je emoties op elk moment in een gesprek, je dan je doel niet bereikt. Je ziet je negatieve emotie als een teken dat er iets heel belangrijks voor je aan de hand is en neemt je emotie dus heel serieus door te onderzoeken wat er zo belangrijk voor je is en waarom. De kwaliteit van je emotieregulatie is nu hoog, je bent oprecht en congruent. Doe je vervolgens de dingen die helpen om je doel te bereiken, dan veranderen je emoties echt, omdat ze niet zijn onderdrukt, maar gereguleerd. Er komen andere emoties voor in de plaats. Bijvoorbeeld optimisme dat je er goed uit kunt komen met de ander en trots omdat het je is gelukt een lastige situatie in goede banen te leiden.

De groeimindset
Sommige mensen zijn nu eenmaal temperamentvoller dan anderen en ik ben nu eenmaal een emotioneel type. Het heeft dus geen zin om de tips voor emotieregulatie te gaan gebruiken, want ik kan er toch niet beter in worden. Als je zo denkt over emotieregulatie, dan heb je een statische mindset ten aanzien van je capaciteit om beter te worden in emotieregulatie. Het blijkt dat je overtuiging bepalend is voor hoe het verder gaat met je vaardigheid om je emoties te reguleren. Met een statische mindset ga je geen moeite doen om beter te worden in emotieregulatie, of probeer je het even maar bij de eerste tegenslag geef je het op en ontwikkel je faalangst, je wordt dus niet beter in emotieregulatie, wat je bevestigt in je overtuigingen dat je er geen talent voor hebt. Je gevoel over emotieregulatie is negatief. Met een groeimindset ga je ervan uit dat, ongeacht hoe moeilijk emotieregulatie op dit moment voor je is, je er beter in kan worden. Je gaat de tips gericht inzetten en bij tegenslag zoek je naar andere manieren om toch vooruit te komen. Je wordt beetje bij beetje beter in emotieregulatie, omdat je je zo effectief inspant en leert van je fouten. Dat bevestigt je in je overtuiging dat je beter kunt worden in emotieregulatie. Je gevoel over emotieregulatie is positief.

Neurowetenschap
Het limbisch systeem is betrokken bij emoties, de neocorticale gebieden zijn betrokken bij doelgerichtheid, rationele gedachten, redeneringen. De beide gebieden kunnen niet tegelijkertijd even actief zijn, dus als je erg boos bent dan is je limbisch systeem heel actief terwijl je neocorticale gebieden minder effectief functioneren; je gaat zwart-wit denken. Dus wil je je emoties reguleren, dan werkt het goed om je neocortex te activeren. Bijvoorbeeld door na te denken over de feiten, je doel, wat er belangrijk voor je is, wat je graag wilt bereiken. Je kalmeert als je over die dingen gaat nadenken. Je wordt bozer wanneer je uiting geeft aan je boosheid, gaat schreeuwen, gaat zeggen waar het op staat. Als je amygdala eenmaal roodgloeiend is, dan kost het tijd om als het ware af te koelen. Ga je even wandelen en denk je tijdens je wandeling na over wat je wilt bereiken, wat je begrijpt van de situatie en de acties van de ander et cetera, dan koelt je amygdala af en wordt je prefrontale cortex actief en worden je hersenen goed doorbloed, waardoor je alerter wordt, meer genuanceerd kan denken en rationeler gaat functioneren.

Zelfperceptie theorie
Hoe je je voelt is een indicatie van hoe je je aan het gedragen bent en wat je denkt. Gevoel volgt gedrag en gedachten. Je kunt je lichaam dus inzetten om je gevoelens te veranderen. Je kunt je gedachten inzetten om je gevoelens te veranderen. Je kunt je anders gaan gaan gedragen en je gevoelens zullen veranderen. Hier kun je daar meer over vinden.

Positieve innerlijke werkbeleving
Als je progressie boekt ten aanzien van iets dat belangrijk voor je is, dan heeft dat een sterke positieve uitwerking op je innerlijke werkbeleving (dus je motivatie, je perceptie en je emoties ten aanzien van je werk). Lukt het je om je emoties (beter) te reguleren en is dit betekenisvol voor je, dan zal die progressie (al is die nog zo klein) een positieve uitwerking hebben. Je wordt creatiever, productiever, de kwaliteit van je werk gaat omhoog, je gaat beter samenwerken en dat alles met meer voldoening en plezier. Is het reguleren van je emoties niet betekenisvol voor je, dan kun je er natuurlijk nog wel beter in worden, maar heeft dit niet dezelfde krachtige uitwerking op je innerlijke werkbeleving. Sterker nog, als je niet autonoom gemotiveerd bent om beter te worden in emotieregulatie, dan is er een negatieve uitwerking op je innerlijke werkbeleving omdat de kwaliteit van je emotieregulatie dan laag is (zie ook bij zelfdeterminatie theorie).

Training progressiegericht leidinggeven
In company workshop