Affect inductie hypothese

Lisa Feldmann Barrett schreef het boek How emotions are made en hier en hier en hier schreef ik al overhaar theorie van geconstrueerde emoties. Ik vroeg mij naar aanleiding van haar boek meerdere dingen af, waaronder hoe haar theorie zich verhoudt tot de theorie van de besmettelijkheid van emoties. Hatfield, Cacioppo & Rapson beschreven het idee van emotionele besmettelijkheid. Hoe zou Lisa Feldmann Barrett hierop reflecteren? Het antwoord is dat zij het heeft over affectieve besmettelijkheid en niet emotionele besmettelijkheid. Zij schrijft, vrij vertaald:
Click here to read more »

Progressiegericht vergaderen

Laatst gaf ik een incompany workshop progressiegericht vergaderen. Een progressiegerichte vergadering focust op de betekenisvolle bereikte en te bereiken progressie en op wat werkt om verdere progressie te boeken. De vergadering gaat over belangrijke en/of interessante onderwerpen voor de deelnemers. In de vergadering worden de condities gecreëerd waarbinnen de deelnemers autonoom gemotiveerd kunnen raken en wordt een groeimindset gestimuleerd. Lees hier verder: progressiegericht vergaderen

Progressiegerichte leerlingbespreking met cirkeltechniek

Docenten die leerlingbesprekingen hebben gebruiken daarbij graag de cirkeltechniek. Het voordeel daarvan is dat zowel wat de leerling al heeft bereikt aan de orde komt, als wat de leerling verder moet gaan bereiken, en daarnaast focust deze manier van bespreken op de rol van de docenten daarbij. De aanpak gaat in drie stappen.
Stap 1. Welke progressie heeft de leerling al bereikt?
In deze stap schrijven de docenten individueel op een Post-it welke progressie zij al zien bij de leerling. Wat heeft de leerling al bereikt? Wat gaat er al beter dan eerder? Als de docenten klaar zijn, plakken ze de Post-its in de binnencirkel. Een procesbegeleider leest alle Post-its één voor één voor en vraagt aan degene die het heeft opgeschreven: waaraan merk je dat dit al is bereikt/goed werkt? De groep luistert alleen en vindt geen discussie plaats.
Stap 2. Welke progressie moet de leerling verder bereiken?
In deze stap schrijven de docenten individueel op een Post-it welke progressie zij belangrijk vinden dat deze leerling verder gaat bereiken. Wat moet de leerling verder bereiken? Wat gaat er dan beter? Als de docenten klaar zijn, plakken ze de Post-its in de buitencirkel. Een procesbegeleider leest alle Post-its één voor één voor en vraagt aan degene die het heeft opgeschreven: waaraan zou je merken dat de leerling deze progressie heeft geboekt? De groep luistert alleen en vindt geen discussie plaats.
Stap 3. Condities creëren zodat de leerling progressie kan gaan boeken

De procesbegeleider vraagt welke van de Post-its die nu in de buitencirkel hangen als eerste naar de binnencirkel gebracht moeten kunnen worden. Vervolgens bespreken de docenten gezamenlijk ideeën wat zij samen kunnen doen om de condities te creëren waarbinnen deze leerling die eerstvolgende belangrijke progressie die nu in de buitencirkel staat kan gaan realiseren. Wie wil wat gaan doen om ervoor te zorgen dat de leerling de betreffende progressie gaat boeken?
Een alternatieve aanpak is om de cirkels in tweeën te verdelen, waarbij de linkerkant staat voor de bereikte en te bereiken progressie van de leerling en de rechterkant voor wat de docenten al hebben gedaan dat werkt en wat ze verder willen of moeten gaan bereiken met deze leerling.

Het bestaan van emotieregulatie is twijfelachtig

Emotieregulatie is een enorm populair construct, waarvan het wetenschappelijk bestaan behoorlijk twijfelachtig is. Dit artikel reflecteert op verschillende basisassumpties van vier theorieën die van elkaar verschillen ten aanzien van hun perspectief op emoties en emotieregulatie.
Basic emotion models
Dit perspectief houdt in dat emotiewoorden zoals boosheid, verdriet, angst elk een uniek mechanisme beschrijven, die elk een unieke mentale staat veroorzaakt met unieke meetbare uitkomsten. Er is een beperkt aantal biologische states, die uniek zijn in vorm en functie en die andere staten veroorzaken zoals cognitie en perceptie. Elke emotie wordt veroorzaakt door een mechanisme speciaal voor die emotie (een specifiek breinprogramma) en dat mechanisme produceert een gecoördineerd pakketje aan ervaringen, reflexmatige reacties, expressieve gedragingen (bijvoorbeeld gezichtsuitdrukking) en anatomische en neuroendocrine reacties.
Emotiegeneratie en emotieregulatie zijn in deze modellen twee onderscheiden psychologische en neurale processen. Objecten en gebeurtenissen in de wereld triggeren subcorticale processen op een standaard manier. Als er een beer op je pad komt ben je bang. Emotieregulatie is dan het aparte proces om de emotie te stoppen of te voorkomen dat het wordt geuit, en dat gebeurt voornamelijk door de cortex (net zoals de cortex ook andere homeostatische gedragingen kan onderdrukken, zoals wanneer je bewust je adem inhoudt). Dus emotieregulatie refereert hier naar de acties die de output van emotionele programma’s beïnvloeden.
Appraisal models
Emotiewoorden verwijzen in de appraisal models nog steeds naar een specifieke mentale staat (zoals in de basic emotion models), maar via een beoordelingsproces geeft het organisme betekenis aan de mentale staat. Die beoordelingen zijn als een setje switches, die als ze op een bepaalde manier geconfigureerd worden bepaalde biologische basic emotionele responses triggeren. Dat leidt tot sterke en bijna onvermijdbare tendensen om op de gebeurtenissen te reageren op een bepaalde manier. De beoordelingen beschrijven de inhoud van de betekenis die gegeven wordt aan de mentale staat. Boos zijn betekent dat je ervaart dat je bent beledigd of geschoffeerd. Verdrietig zijn betekent dat je ervaart dat je iets of iemand bent verloren.
Er is in deze modellen geen scherp onderscheid tussen emotiegeneratie en emotieregulatie. Emoties worden gegenereerd en gemodificeerd door een combinatie van overlappende breincircuits. Door een andere betekenis te geven aan de situatie, verandert de betekenis van de emotie en daardoor reguleert de persoon zijn emotie. Dat kan door te kiezen in welke situatie je je bevindt, door de situatie waarin je je bevindt te veranderen zodat je je meer gaat voelen zoals je je wilt voelen, door je aandacht te verleggen naar iets anders zodat je gevoel ook verandert, door cognitieve verandering aan te brengen (je denkt anders en daardoor ga je je anders voelen) en response modulatie (je verandert je ervaring, fysiologie en gedrag om een andere emotie te gaan voelen). Zo kunnen mensen bijvoorbeeld hun gevoel voor iemand anders verbergen door de emotionele gedragingen die bij die emotie horen te inhiberen. Dus emotieregulatie verwijst hier naar de verandering in intensiteit of kwaliteit van een emotionele reactie,ofwel voor ofwel nadat de emotionele reactie is begonnen.
Psychological construction models
Emoties zijn in de psychological construction models geen mentale staat die uniek zijn in vorm, functie en oorzaak, omdat emoties niet worden veroorzaakt door mechanismen die er specifiek zijn voor het ontstaan van die emoties. In plaats daarvan ontstaan alle mentale staten uit een voortdurend zichzelf aanpassend constructief proces dat basisingrediënten gebruikt die niet specifiek zijn voor emoties. Emoties zijn categorieën, en elke categorie is geassocieerd met een aantal meetbare uitkomsten.
In de psychologische constructiemodellen is het lastig om onderscheid te maken tussen emotiegerenatie en emotieregulatie. Dat is omdat emoties, net zoals alle mentale events, worden gezien als voortdurend geconstrueerd. Dus dan vervalt het verschil tussen regulatie en generatie. Dus emotieregulatie verwijst hier naar het manipuleren van elementen die tezamen in combinatie een emotie bouwen.
Social construction models
In de social construction models zijn emoties zijn sociale artifacten of cultureel beschreven performances die gevormd zijn door sociaalculturele factoren en bepaald worden door de rol van de persoon in de sociale context en de sociale context zelf. Emoties zijn door mensen geconstrueerde psychologische concepten en geen aangeboren, biologische interne mentale states. Of een sociaal geconstrueerde gebeurtenis wordt gezien als emotie hangt af van het netwerk van sociale consequenties dat het veroorzaakt. Emoties zijn aangeleerd en hebben een sociale functie.
In deze modellen zijn emoties geen entities die gereguleerd moeten worden, omdat ze niet gepaard gaan met mechanismen binnen in het hoofd. In plaats daarvan zijn emoties acties of disposities richting acties met hun eigen regulerende functie. De grens tussen emotiegeneratie en emotieregulatie vervalt daarmee dus, omdat alle emoties geconstrueerd worden. Dus wat interessant is om te onderzoeken is emoties als scripts die gedrag reguleren en niet zozeer emoties als mentale staat.
Onderscheid maken tussen emotie, emotieregulatie, zelf-regulatie, geheugen, verbeelding, perceptie en meer mentale categorieën is cultureel gegroeid (niet alle culturen maken onderscheid tussen deze mentale categorieën) en ze ontstaan allemaal door betekenis te geven aan interoceptie en sensorische input vanuit de omgeving. Hier kun je meer lezen over de theorie van geconstrueerde emoties.
Training progressiegericht coachen
Training progressiegericht leidinggeven

Geconstrueerde emoties

De theorie die Feldman Barrett uiteen zet in haar boek is de theorie van geconstrueerde emoties. Die theorie draait om een aantal concepten. Het voert te ver om die allemaal te beschrijven (als je interesse hebt in emoties van jezelf en anderen raad ik dit boek van harte aan), maar een paar concepten zal ik pogen kort te behandelen.
Interoceptie
In ieder mens is voortdurend interoceptie gaande, dat wil zeggen dat het brein voortdurend in de gaten houdt of het organisme veilig en comfortabel is. Dat proces is net als ademhalen. Het brein krijgt daarmee ook informatie over de zogenaamde affectieve staat van het organisme, in rudimentaire vorm. Er zijn twee componenten van affect: valence en arousal. Valence verwijst naar hoe prettig of onprettig je je voelt. Arousal verwijst naar hoe kalm of geagiteerd je je voelt.
Deze informatie krijgt het brein doorlopend en het zet het organisme aan tot handelen als dat nodig is (eten, drinken, slapen, et cetera). Er is geen sprake van emoties die getriggerd worden door een gebeurtenis, maar van een voortdurende affectieve toestand van het organisme. En deze affectieve staat is veel eenvoudiger dan onze concepten van emoties. Click here to read more »

Emotioneel fabeltje?

Iedereen weet hoe iemand die boos is eruit ziet. Gebalde vuisten, een diepe frons, schreeuwen, opgetrokken wenkbrauwen, op elkaar geklemde kaken. Het is soms moeilijk om boosheid en andere emoties onder controle te krijgen, want ze kunnen ons overvallen. Onze emoties zijn immers universele reflexen die ontstaan in de primitievere delen van ons brein. Getriggerd door iets dat er gebeurt. Gelukkig hoeven mensen, anders dan dieren, geen speelbal te zijn van hun emoties. Wat mensen menselijk maakt is dat zij hun emoties kunnen reguleren. Mensen hebben namelijk een prefrontale cortex, en niet alleen een reptielenbrein. Zo kunnen mensen de reflexen van hun reptielenbrein overrulen door hun prefrontale cortex  in te zetten. Word je overvallen door boosheid en wil je het liefst je collega een mep verkopen, dan komt dat omdat je reptielenbrein reflexmatig reageert op situaties. Je amygdala gloeien. En die kun je kalmeren door je prefrontale cortex in te zetten. Zo kan de bewuste rationaliteit het winnen van onbewuste emotionele impulsiviteit.
Wat denk je, klopt bovenstaande alinea of is het een emotioneel fabeltje?
Als je bovenstaande voorkomt als een logische en bekende redenering, dan moet je het boek van Liza Feldmann Barrett eens lezen: How emotions are made: the secret life of the brain. Click here to read more »

De positieve effecten van autonomieondersteuning bij psychiatrische patiënten

Hier kun je drie criteria vinden waarmee je de effectiviteit van beleid om verbeteringen aan te brengen in de werkcontext kunt evalueren. Maar werkt autonomieondersteuning ook bij psychiatrisch patiënten of bij opstandige jeugdigen? Moet je dan niet met strakke autoritaire hand te werk gaan, en gebruik maken van straffen bij grensoverschrijdend gedrag? Het volgende onderzoek is interessant om in je achterhoofd te houden als je over dit soort vragen wilt nadenken. Lynch et al (2005) onderzochten een interventie bij medewerkers van een residentieel psychiatrisch ziekenhuis voor de jeugd. Click here to read more »

Drie criteria om werkcontextbeleid te toetsen op effectiviteit

Als je geïnteresseerd bent om de werkcontext in je organisatie te verbeteren, en je bent daartoe beleid aan het ontwikkelen, hoe kun je dan inschatten of het beleid en het instrumentarium iets goeds zal gaan opleveren voor de organisatie en de medewerkers? Click here to read more »

Ik ben van plan te gaan stemmen, maar heb het nog niet gedaan

Vind je het belangrijk dat je familieleden, collega’s en vrienden op 15 maart gaan stemmen? En realiseer je je dat preken afsteken over het belang van stemmen, of iemand een schulgevoel aanpraten of iemand proberen te overtuigen om te gaan stemmen risicovolle strategieen zijn? Lees dit stukje dan even. Click here to read more »

It takes expertise to make expertise

Natuurlijk kunnen mensen nieuwe dingen leren door simpelweg te exploreren en zelf uit te proberen, maar voor veel vaardigheden geldt: it takes expertise to make expertise. Want als we zelf gaan oefenen en we oefenen op de verkeerde manier, dan worden we geen experts maar slijten we onze fouten steeds dieper in en automatiseren we ze. Immers, practice makes permanent. Click here to read more »