Kwaliteit van motivatie en het voorspellende brein

Kwaliteit van motivatie en het voorspellende brein. In dit artikel suggereer ik dat de theorie van ons voorspellende brein een heel goede kandidaat is om als verklarend fundament voor die vier kernelementen van de progressiegerichte benadering te fungeren. De vier kernelementen van de progressiegerichte benadering zijn het boeken van betekenisvolle progressie, het leveren van duurzame inspanning, het ervaren van een hoge kwaliteit van motivatie en het koesteren van de overtuiging dat progressie mogelijk is via effectieve inspanning. Mijn gedachte over de kwaliteit van motivatie en de theorie van ons voorspellend brein is dat motivatiekwaliteit samenhangt met de mate waarin gedragsregulatie congruent is met hiërarchische zelfrelevante voorspellingsmodellen.
Autonome motivatie: congruentie tussen gedrag en onze hiërarchische zelfrelevante voorspellingsmodellen
Binnen de progressiegerichte benadering benutten we de inzichten vanuit de zelfdeterminatietheorie, waarin onderscheid wordt gemaakt tussen autonome en gecontroleerde motivatie. Autonome motivatie betekent dat de persoon erachter staat wat hij doet en de ervaring heeft dat zijn gedrag voortkomt vanuit hem of haarzelf. Er zijn twee goede redenen om er helemaal achter te staan wat je aan het doen bent; je vindt de activiteit interessant en/of je vindt de activiteit waardevol en belangrijk. Dit gaat gepaard met psychologische vitaliteit (je krijgt energie van wat je doet). Je gedrag is congruent met je interesses, voorkeuren en waarden en met je zelfrelevante interne breinvoorspellingen ten aanzien van je doelen, waarden en zelfbeeld. Een dergelijk zelfrelevant intern model is bijvoorbeeld: “Ik ben iemand die wil doen wat hij belangrijk vindt”.
Weinig conflicterende voorspellingen
Wanneer je erachter staat wat je aan het doen bent, is dat wat je wilt doen en dat wat je doet grotendeels hetzelfde. Het lijkt mij logisch dat er dan weinig sprake is van conflicterende breinvoorspellingen op het niveau van persoonlijke doelen en waarden. Je brein construeert immers niet conflicterende voorspellingen vanuit conflicterende interne modellen; je bent niet iets anders aan het doen dan wat je wilt doen. Je bent bezig met de doelen die belangrijk voor je zijn. Je bent bezig met activiteiten die uiting geven aan wie je wilt zijn. Je brein construeert dan voorspellingen vanuit een en hetzelfde interne model; dat wat je wilt doen is hetzelfde als dat wat je daadwerkelijk doet. Je gedrag is in lijn met je zelfcondordante doelen. Autonome motivatie betekent vanuit dit perspectief niet dat er geen voorspellingsfouten optreden, maar dat deze fouten worden ervaren binnen een betekenisvol en zelfcongruent kader, waardoor het oplossen ervan eerder vitaliserend dan uitputtend werkt.
Goede voorspellingsfoutendynamiek
Voorspellingsfouten treden in een autonome state of mind ook op, maar deze zullen dus waarschijnlijk vaker worden ervaren als betekenisvolle en nuttige signalen. Dat komt omdat wat we doen interessant en/of belangrijk voor ons is, en we daarmee ook interesse hebben in het oplossen van onze voorspellingsfouten. We ervaren dat de voorspellingsfouten voor ons betekenisvol zijn, omdat de activiteit interessant en/of waardevol voor ons is. We interpreteren voorspellingsfouten als interessante signalen waarvan we kunnen leren en naar aanleiding waarvan we progressie kunnen boeken. Ook wanneer we gefrustreerd zijn omdat iets niet goed aan het lukken is, staan we er nog steeds achter om te doen wat we doen. Er kan zo een goede voorspellingsfoutendynamiek ontstaan. Terwijl we onze voorspellingsfouten adequaat aan het oplossen zijn, krijgen we er psychologisch energie van. We ervaren dat er in onze omgeving uitnodigende handelingsmogelijkheden zijn (inviting affordances).
Allostase
Die vitaliteit en het energieke gevoel zou wel eens te maken kunnen hebben met progressie in de adaptieve precisie die de persoon toekent aan zijn voorspellingen en voorspellingsfouten. De persoon wordt beter in het adaptief waarde toekennen aan conflicterende inkomende signalen en wordt effectiever in het oplossen van voorspellingsfouten. Dat komt omdat de persoon zich echt aan het verdiepen is in wat hij aan het doen is. Hij besteedt aandacht aan zijn voorspellingsfouten, omdat hij die ervaart als relevant voor het boeken van progressie in de richting van de doelen die hij heeft. Daardoor is hij beter in staat tot het oplossen van voorspellingsfouten. Ofwel door perceptuele inferentie (het updaten van het interne model) ofwel door actieve inferentie (het aanpassen van zijn gedrag). Dat gaat samen met adequate allostatische processen.
Body budgetting
De term body budgetting komt van Lisa Feldman Barrett en er wordt mee bedoeld dat het brein voortdurend aan het zorgen is dat er aan je toekomstige behoeften tegemoet gekomen wordt. Heb je extra glucose nodig in je bloed, omdat er een zware taak aan zit te komen? Moet je hartslag omhoog omdat je iets inspannends gaat doen? Dat zijn als het ware de ‘opnames’ die het brein doet. Slaap, voedsel en ontspanning zijn ‘stortingen’ in je body budget, waar je van fysiek en mentaal oplaadt. Omdat in een staat van autonome motivatie dat wat de persoon doet congruent is met wat hij wil doen, en de breinvoorspellingen ten aanzien van wat hij wil of moet doen congruent is met zijn daadwerkelijke gedrag, zou autonome motivatie kunnen bijdragen aan efficiëntere regulatie en minder chronische allostatische belasting.
Gecontroleerde motivatie: intern conflict en aanhoudende aversieve voorspellingsfouten
Gecontroleerde motivatie betekent dat de persoon er niet achter staat wat hij doet en de ervaring heeft dat zijn gedrag onder druk tot stand komt en niet vanuit hem of haarzelf voortkomt. De persoon doet wat hij doet met een soort inwendig protest. Hij vindt het eigenlijk stom dat hij het moet doen. De druk die hij ervaart kan van een externe bron komen, bijvoorbeeld vanuit een autoriteitsfiguur die straft of dreigt met straf, beloning inzet als motivatiemiddel of voorwaardelijke achting heeft voor de persoon. De druk die hij ervaart kan ook van binnenuit komen, dan hangt zijn eigenwaarde bijvoorbeeld af van zijn prestaties. Falen betekent dat hij een waardeloos mens is. Gecontroleerde motivatie gaat vaak samen met een verminderd gevoel van vitaliteit.
Conflicterende zelfrelevante interne modellen
Mijn vermoeden is dat een staat van gecontroleerde motivatie samenhangt met aanhoudende of aversieve voorspellingsfouten, doordat er sprake is van conflicterende breinvoorspellingen ten aanzien van het gedrag van de persoon. Aan de ene kant voorspelt het brein van de gecontroleerd gemotiveerde persoon dat hij het betreffende gedrag laat zien, terwijl een andere breinvoorspelling wordt geconstrueerd waarin de persoon het gedrag niet doet omdat hij het niet wil doen. Die conflicterende breinvoorspellingen leiden vermoedelijk tot aversieve voorspellingsfouten. Immers; we hebben geen interesse in wat we aan het doen zijn en we vinden het niet belangrijk of waardevol wat we aan het doen zijn, dus de voorspellingsfouten ervaren we niet als relevant voor onszelf. Het oplossen van de voorspellingsfouten kost ons energie, we staan er niet echt achter om ons in te spannen om ze op te lossen en progressie te boeken. Het gedrag voelt daardoor minder congruent met het zelf, er is sprake van interne spanning en conflict. Terwijl de persoon het gedrag laat zien, sijpelt zijn energie weg.
Liegen kost energie
In een staat van gecontroleerde motivatie zijn mensen soms ook geneigd om te liegen en te sjoemelen. Ze zeggen dan dat ze iets gedaan hebben, terwijl dat niet het geval is. Ze raffelen hun werk af, omdat ze er niet achter staan om het te doen. Er zijn indicaties dat liegen belastend is voor ons voorspellende brein. Het brein moet namelijk tegelijkertijd het interne model van de leugen construeren en het interne model van de waarheid onderdrukken. De persoon doet dan twee dingen tegelijk; de leugen activeren en de waarheid inhiberen. Hij moet voortdurend monitoren of wat hij zegt en doet past bij de leugen en hij moet voortdurend alert zijn op hoe zijn gesprekspartner reageert op zijn leugen. Dat wat hij zegt en doet is niet congruent met dat wat hij daadwerkelijk heeft gedaan of van plan is te gaan doen, en dat kan leiden tot persisterende voorspellingsfouten en verhoogde monitoringbelasting. Immers; de activiteit waarover wordt gelogen is niet interessant en niet belangrijk, dus de voorspellingsfouten die ontstaan omdat er wordt gelogen worden ook niet ervaren als nuttig voor de persoon zelf.
Allostase
Als iemand gedurende langere tijd in een staat van gecontroleerde motivatie functioneert, verbruikt die persoon waarschijnlijk veel energie en dreigt het body budget in de min te belanden. Er wordt meer energie gevraagd dan de persoon ter beschikking heeft. Dit kan op termijn leiden tot uitputting.
Motivatiemix
In dit artikel behandel ik gecontroleerde motivatie en autonome motivatie in hun pure verschijningsvorm en koppel ik de theorie van ons voorspellend brein aan de kwaliteit van motivatie. In werkelijkheid zijn er vaak verschillende kwaliteiten van motivatie tegelijkertijd aanwezig terwijl de persoon doet wat die doet. Een motivatiemix. Vanuit het perspectief van ons voorspellende brein lijkt mij de conclusie die ik op deze site al vaker heb beschreven opnieuw gerechtvaardigd, dat een beweging richting autonome motivatie en af van gecontroleerde motivatie gunstig is voor de gezondheid van mensen.
In een volgend artikel belicht ik duurzame inspanning en het mindsetbetekenissysteem vanuit de theorie van ons voorspellend brein.
