Skip to content

Vraag gestuurd leren

Een goed gestelde vraag kan je nieuwsgierig maken om het juiste antwoord te gaan vinden. In leersituaties kan de trainer of docent dat principe benutten. Complexere vragen hebben daarbij als voordeel dat er een netwerk van ideeën gegenereerd moet worden, in plaats van dat de vraag om de opsomming van een aantal feiten draait. Als er een geheel van samenhangende ideeën ontstaat versterkt dit het begrip en het geheugen, ontwikkelen studenten probleem-oplossende vaardigheden, leren ze kritisch te denken en informatie te analyseren en bewijs op waarde te schatten.

Drie sleutelelementen

Docenten doen er bij vraag gestuurd leren goed aan om drie sleutelelementen in het oog te houden:

  1. Het ontwikkelen van een goede vraag
  2. Het aannemen van een coachende rol
  3. Het goed in de steigers zetten van het onderzoeksproces

Het ontwikkelen van een goede vraag

Een goede vraag refereert aan een slecht gestructureerd probleem, Complexe, slecht gestructureerde problemen hebben namelijk niet slechts 1 goede oplossing en geeft dus meer te doen dan alleen het oplepelen van de juiste feiten. Een goede vraag is betekenisvol voor de student en creëert nieuwsgierigheid en de wil om het antwoord te vinden.

De docent kan zowel de vraag, als alle informatie die nodig is om de vraag te beantwoorden, ter beschikking stellen aan de studenten waarbij zij gaan proberen om het meest optimale antwoord te vinden. Dit is een geschikte manier bij bijvoorbeeld lastige natuurkundige of wiskundige vraagstukken. De docent kan ook een vraag aanreiken zonder daarbij de informatie die nodig is om de vraag te beantwoorden te verschaffen. Studenten gaan dan aan de slag met het verzamelen van informatie om de vraag te kunnen gaan beantwoorden. Ook probleem gestuurd onderwijs is een voorbeeld van het aanreiken van de vraag, waarbij de studenten in groepjes moeten zien te komen tot de beantwoording van de vraag.

Als je studenten uitnodigt om hun eigen vraag te stellen, dan is dat alleen effectief wanneer studenten al een goede basiskennis hebben. Laat je studenten te vroeg met eigen leervragen komen, dan lopen ze grote kans de weg kwijt te raken en, slechte vragen te stellen, te verdrinken in de stof en niet te leren wat de bedoeling is.

Het aannemen van een coachende rol

De rol van de docent bij vraag gestuurd leren is om de studenten te helpen kennis te construeren door informatie te zoeken, beoordelen, en integreren. De docent doet voor hoe kritisch denken eruit ziet, hoe je zuiver kunt redeneren en hoe je kunt leren, zonder de studenten voor de voeten te lopen. Goede docenten stellen ook op het juiste moment de goede vragen aan studenten. Bijvoorbeeld: hoe ben je tot je antwoord gekomen? Als je het perspectief van de client erbij betrekt, op welke ideeen kom je dan? Et cetera. Docenten kunnen na de exploratie van de studenten zelf er voor kiezen alsnog dingen uit te leggen waarvan ze inschatten dat de studenten dit nog niet voldoende hebben begrepen.

Het goed in de steigers zetten van het onderzoeksproces

Studenten die nog aan het begin staan met het leren van de vaardigheid of het verwerven van de kennis, hebben baat bij een goed gestructureerd onderzoeksproces. Aan henzelf overlaten om dit onderzoeksproces vorm te geven werkt vaak niet goed. Net zo min als nieuwelingen op een bepaald gebied in staat zijn zelf de leervraag te formuleren, zijn ze in staat om hun eigen onderzoeksproces goed te structureren. Eenvoudige hulpstructuurtjes zijn voor nieuwelingen onontbeerlijk. De docent kan daartoe een stappenplan aanreiken, of een werkboek, of een model voor een goede onderzoekscyclus.  Zie ook hier: de rol van structuur in een training.

Wanneer geschikt

Vraag gestuurd leren zonder duidelijke structuur en zonder goede begeleiding is zeker voor beginnelingen niet zo effectief. Als de drie sleutelelementen goed worden neergezet, blijkt vraag gestuurd leren vooral geschikt te zijn voor het ontwikkelen van probleemoplossende vaardigheden, die gerelateerd zijn aan hetzelfde onderwerp. Studenten leren om informatie te benutten bij het oplossen van soortgelijke problemen en het nemen van goed geïnformeerde en onderbouwde beslissingen. Ze voelen zich ook competenter om toekomstige gerelateerde problemen op te lossen. Of ze hierbij werken in een groepje of alleen maakt niet uit, beide aanpakken leveren betere resultaten op dan traditionele lessen, om probleemoplossende vaardigheden te ontwikkelen.

Meer lezen: the ABCs of how we learn

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.