m1ny8sbwq94fDat zou dan wel eens een effect kunnen zijn van niet vervulde psychologische basisbehoeften. Niet verbonden. Niet competent. Niet autonoom. Als mensen ervaren dat hun psychologische basisbehoeften niet zijn vervuld, dan brengt dat kosten met zich mee. De kwaliteit van hun motivatie wordt laag. Er is daarbij een direct negatief effect op het welbevinden van mensen. En als de situatie langer voortduurt, dan ontwikkelen mensen een aantal niet effectieve copingstrategieën, waardoor een negatieve spiraal kan ontstaan.

Directe negatieve effecten
Als mensen ervaren dat hun psychologische basisbehoeften niet worden vervuld, dan voelen ze zich snel uitgeput van hun werk. Docenten voelen zich angstiger en bozer als ze ervaren dat hun basisbehoeften niet worden vervuld. Adolescenten hebben meer problemen met docenten wanneer zij ervaren dat hun drie basisbehoeften worden verwaarloosd. Het welbevinden van mensen fluctueert gedurende de dag al naar gelang de vervulling van hun basisbehoeften fluctueert. Mensen hebben bijvoorbeeld op het moment dat hun basisbehoeften niet worden vervuld, meer last van fysieke ongemakken. Zo wordt er, als de psychologische basisbehoeften gefrustreerd worden, een immunologisch proteïne aangemaakt dat het lichaam gewoonlijk aanmaakt om acute stressoren de baas te kunnen.

Een gebrek aan ervaren autonomie, gaat ook samen met meer agressie. Kinderen die ervaren dat hun ouders controlerend opvoeden, laten vaker agressief gedrag zien. Fysieke straffen staan de internalisatie van de betreffende waarden in de weg. Kinderen zijn geneigd om meer te gaan liegen en om hun leugens vol te houden, wanneer ze functioneren in een omgeving van straf en controle. Kinderen wiens ouders controlerende opvoedstrategieën gebruiken, zoals schuldgevoel geven, schaamte opwekken en het onthouden van liefde, vertonen meer depressieve symptomen en eetproblemen.

Negatieve copingstrategieën
Als mensen ervaren dat hun psychologische basisbehoeften niet voldoende worden vervuld, dan kunnen ze substituties gaan zoeken. Zo kunnen ze zich bijvoorbeeld gaan richten op het bereiken van extrinsieke doelen, zoals rijk worden, status verwerven, er perfect mooi uitzien. Het nastreven van dit soort doelen werkt echter contraproductief voor het welbevinden van mensen. Het nastreven van extrinsieke doelen hangt samen met onzekerheidsgevoelens en lage eigenwaarde. Zowel tijdens het nastreven van het extrinsieke doel als wanneer het doel eenmaal is bereikt, voelen mensen zich minder prettig, voelen ze zich snel leeg en teleurgesteld. Dit geldt ook wanneer mensen in een omgeving functioneren waarin extrinsieke doelen hoog in het vaandel staan.

Mensen kunnen ook compensatiegedrag gaan vertonen als hun psychologische basisbehoeften niet worden vervuld of worden gefrustreerd. Ze verliezen bijvoorbeeld sneller hun zelfcontrole, ze kunnen rigide gedragspatronen ontwikkelen en ze kunnen recalcitrant gedrag gaan vertonen.

  • Zo is de frustratie van de vervulling van de basisbehoeften geassocieerd met alcohol misbruik, binge eating en zelfmutulatie. Als mensen ervaren dat ze hun gedrag moeten controleren vanwege de druk of verwachting van iemand anders, dan kost hen dat veel wilskracht. Ze laten zich dan helemaal gaan op een ander gebied (bijvoorbeeld, als je niet mag roken van je levenspartner, dan kan je reactie zijn dat je je te buiten gaat aan snacks omdat je gecontroleerd gemotiveerd bent).
  • Als je niet ervaart dat je basisbehoeften zijn vervuld, kun je rigide gedragspatronen gaan ontwikkelen. Die gedragspatronen werken dan als een keurslijf. Je eigenwaarde hangt dan af van de enorm hoge eisen die je aan jezelf stelt. Eetproblemen zijn een voorbeeld van hoe dit kan gaan uitpakken. Je eigenwaarde is voorwaardelijk en hangt af van hoe dun je bent. Deze rigide gedragspatronen hangen samen met depressiviteit en angststoornissen. De niet vervulde basisbehoeften slaan als het ware naar binnen (internaliseren van problemen), en gaan ten koste van je gezondheid.
  • Recalcitrant gedrag is ook een reactie op niet vervulde basisbehoeften, maar is een vorm van externaliseren van problemen. De persoon kan botweg weigeren om te voldoen aan de verwachtingen van de docent of de ouders, maar kan ook gehoorzaam zijn terwijl hij van binnen zich totaal distantieert van de betreffende docent of ouder. Hij ervaart externe druk, voelt zich gecontroleerd en ervaart oneerlijk moreel gedrag van de autoriteitsfiguur. Dit is vaak de basis van probleemgedrag bij jongeren.

Dus, merk je dat je leegloopt gedurende je activiteit? Kijk dan eens naar de kwaliteit van je motivatie. Sta je helemaal achter wat je aan het doen bent? Voel je je verbonden? Voel je je competent? Wat kun je veranderen aan je omstandigheden zodat de kwaliteit van je motivatie verhoogd wordt?

Bron: On psychological growth and vulnerability, Vansteenkiste & Ryan