Veel mensen stemmen ermee in dat het beter is om een groeimindset te hebben dan een statische mindset. Met een groeimindset ga je ervan uit dat je, ongeacht waar je nu staat, beter kunt worden. Veel mensen vinden het logisch dat het voordeel van het hebben van een groeimindset is dat je bereid bent om je in te spannen, het leren leuker wordt en falen minder zwaar wordt. Toch houden veel mensen een voorbehoud, ze lijken te denken:”Dat je met oefenen en een goede leerstrategie veel kunt bereiken geloof ik wel, maar uiteindelijk zijn het toch je aangeboren genen en intelligentie die bepalen hoe ver je kunt komen”. En zo komen veel mensen toch ten diepste weer uit bij de statische mindsetovertuiging van een genetisch determinisme. Er blijft dichotomie tussen het geloven in de rol van inspanning versus de rol van aangeboren talenten.

Het is wellicht te simpel om te stellen dat deliberate practice de enige verklarende factor voor het bereiken van een hoog niveau is. Anno 2013 is het onderzoek naar de factoren achter topfunctioneren nog volop gaande. Sommige onderzoekers, zoals Donald Hambrick stellen dat deliberate practice wel een belangrijke factor is, maar dat er meerdere factoren zijn die toppresteren verklaren. Welke factoren dat zijn is vooralsnog niet zo duidelijk. De onderzoekers spreken vermoedens uit, maar hebben geen bewijzen en hebben het zelf niet onderzocht. Ze hebben een meta-analyse uitgevoerd op het onderzoek van Anders Ericsson. Daaruit blijkt dat deliberate practice een deel van het topfunctioneren verklaard, maar ook een deel onverklaard laat. Zou de leeftijd waarop je begint te oefenen er iets mee te maken kunnen hebben? Wellicht, maar daar staat tegenover dat er veel “laatbloeiers” enorme bijdrage hebben geleverd aan onze kennis, zoals Scott Barry Kaufman terecht opmerkt. Charles Darwin is een voorbeeld van zo’n laatbloeier. Zouden aangeboren talenten, interesses, IQ en persoonlijkheid er iets mee te maken kunnen hebben? Wellicht, maar geen enkele weldenkende wetenschapper claimt dat deze factoren deterministisch zijn en vastliggen bij de geboorte. En geen enkele weldenkende wetenschapper claimt dat, zelfs als deze factoren een genetische factor hebben, dat betekent dat ze onveranderbaar zijn.

Iets kan een sterke erfelijkheidsfactor hebben en toch ook sterk veranderbaar en door de omgeving beïnvloedbaar zijn (Kaufman). Het is in dit licht jammer en schadelijk dat Dick Swaab, die niet lijkt te hebben gehoord van breinplasticiteit en epigenetica en een lang achterhaald genetisch determinisme uitdraagt, zoveel aandacht krijgt in Nederland.

Groeimindsetovertuigingen zijn accurater dan statische mindsetovertuigingen. Welke genen en aangeboren talenten je ook had toen je geboren werd, wat je uiteindelijk bereikt wordt bepaald door wat je vervolgens doet, welke interesses je ontwikkeld en volgt, welke invloed je omgeving op je heeft, welke toevalligheden er in je leven plaatsvinden, hoe je je inspant… het heeft allemaal invloed op wie je wordt. Tot op het niveau van je genen.