Moeilijk_bescheiden_te_blijven_bekerMensen zijn geneigd om overdreven positieve ideeën te hebben over hun eigen competentieniveau ten aanzien van veel intellectuele en sociale domeinen. En mensen die een laag competentieniveau hebben, nemen niet alleen veel vaker verkeerde beslissingen en maken niet alleen veel vaker fouten, ze missen ook nog eens de metacognitieve vermogens om hun foute beslissingen te herkennen. Mensen die bijvoorbeeld in het laagste kwartiel presteerden op tests in grammatica, humor en logica, overschatten hun eigen competentie overmatig. Zo dachten ze zelf dat ze op het 62ste percentiel scoorden, terwijl hun daadwerkelijke score op het 12e percentiel lag.

Paradoxaal genoeg is de beste manier voor mensen om realistischer te gaan kijken naar hun eigen competentie, dat ze competenter worden op het betreffende gebied. Als ze namelijk competenter worden op het betreffende gebied, dan nemen hun metacognitieve vermogens om hun eigen prestaties accuraat te beoordelen en hun fouten te herkennen toe. Ze worden beter en tegelijkertijd bescheidener. Het Dunning-Kruger effect is dat hoe minder competent je bent, des te meer je jezelf overschat en hoe competenter je bent, des te bescheidener je wordt. Het lijkt erop dat we onze eigen onkunde niet zo goed kunnen zien. Hoe competenter we worden, hoe meer we ons realiseren dat we eigenlijk weinig weten.

Als je competenter wordt kun je dus ook onzekerder worden over je competentie. Bescheidenheid is mooi, realistisch inschatten welk niveau je hebt is dat net zo goed. Het zou jammer zijn wanneer je je kennis niet naar voren durft te brengen omdat je je realiseert hoeveel je nog niet weet, terwijl iemand anders die veel minder weet dan jij zichzelf overschat en zijn beperkte kennis uitgebreid uit de doeken doet. Daarmee neemt de kwaliteit en diepgang van een gesprek immers juist af. Je houdt je mond, terwijl jij degene bent die er het meest van af weet. Dus, durven benutten en laten merken dat je kennis hebt, terwijl je tegelijkertijd je realiseert dat er nog veel meer te weten valt is belangrijk voor kwalitatief goede beslissingen.

Hier zijn een paar tips om effectief om te gaan met het Dunning-Kruger effect bij jezelf en bij anderen:

1. (her-)ken het Dunning-Kruger effect. Als je met iemand in gesprek bent die zich vol zelfverzekerheid uitlaat over een onderwerp waar hij weinig verstand van heeft, realiseer je dan dat dit niet zozeer iets zegt over zijn persoonlijkheid dan wel over zijn huidige lage competentieniveau. Hij gelooft echt dat hij veel weet en kan, juist omdat hij het overzicht niet heeft en dus nog niet weet wat hij niet weet. Zo kun je mild blijven tegenover de ander, in plaats van dat je je gaat ergeren.

2. Bij jezelf kun je het Dunning-Kruger effect ook herkennen: als je met een nieuwe vaardigheid of een nieuw kennisgebied in aanraking komt je je denkt bij jezelf ‘ach, dat kan ik allemaal allang’ of ‘ik heb nog niks nieuws gehoord, dit wist ik allemaal al’, realiseer je dan dat je waarschijnlijk in de Dunning-Kruger-val aan het trappen bent. Neem bewust een bescheiden en onderzoekende houding aan en zorg dat je meer kennis krijgt en beter wordt in de vaardigheid.

3. Merk je bij iemand anders het Dunning-Kruger effect, zorg dan dat hij overzicht kan gaan krijgen over de complexiteit van het hele domein waarvan hij nu denkt dat hij alles al weet. Geef hem bijvoorbeeld een lijst met termen die te maken hebben met het kennisdomein en vraag hem welke van deze termen hem al bekend voorkomen en welke nog niet. Dit is een mooie manier om realistischer te gaan kijken naar zijn werkelijke competentieniveau.

4. Ga aan de slag met deliberate practice. Ofwel door de ander te laten oefenen op de manier van deliberate practice ofwel door zelf te gaan oefenen met deliberate practice. Omdat het kenmerk van deliberate practice is dan je inzoomt op wat je nu nog niet goed lukt, neemt je competentieniveau toe én word je bescheidener over je competentieniveau.

5. Kijk terug op wat je allemaal al hebt bereikt ten aanzien van de betreffende vaardigheid of het kennisgebied. Bijvoorbeeld door als je een nieuw pianostuk gaat leren, bij de start op te nemen hoe het klinkt, en op gezette tijden opnieuw op te nemen hoe je het stuk nu speelt. Na een maand luister je terug hoe je een maand geleden speelde en kun je je eigen progressie letterlijk terugluisteren. Zo kan je horen dat je beter bent geworden (terwijl je waarschijnlijk tegelijkertijd bescheidener bent geworden over je pianovaardigheden).

6. Als je het Dunning-Kruger effect wilt voorkomen bij jezelf, zoek feedback op van een expert op het gebied waarvan jij denkt dat je er al heel veel van weet of heel goed in bent. Bijvoorbeeld door te kijken naar hoe die persoon de vaardigheid toepast of wat die persoon schrijft of zegt over het betreffende vaardigheidsgebied of door die persoon te vragen je feedback te geven ten aanzien van jouw prestaties.

Meer lezen: Unskilled and unaware of it