In Counselling Magazine is een artikel verschenen getiteld Een pleidooi voor gezonde taal.

Het artikel start zo:

Stel dat je al een tijdje slecht slaapt, geïrriteerd reageert en met tegenzin naar je werk gaat … Heb je dan een beginnende burn-out? Of ga je door een lastige periode heen? De kans dat je in dit soort situaties de diagnose krijgt dat je aan een geestelijke ziekte lijdt, is vele malen groter dan dertig jaar geleden.

Overdiagnose en therapietaal. Twee zorgwekkende maatschappelijke tendensen. Ze hebben veel met elkaar te maken en zijn allebei schadelijk. Overdiagnose betekent dat je een diagnose krijgt dat je aan een ziekte lijdt, terwijl je geen symptomen ervoer. Therapietaal betekent dat we therapeutisch vakjargon gebruiken om onze ervaringen mee te beschrijven.

Is het echt zo dat we tegenwoordiger sneller gediagnosticeerd worden met een geestelijke ziekte? Helaas wel. Kijk naar de Diagnositic and Statistical Manual of Mental Disorders-5. Als coaches, therapeuten en psychiaters de nieuwe DSM-5 hanteren als maatstaf of iemand ziek is of gezond, is de diagnose “ziek” verbijsterend snel van toepassing. Hou je ervan om twaalf keer in de drie maanden je te buiten te gaan aan een feestmaal? Dan lijd je aan binge eating. Kun je zo opgaan in een hobby of activiteit dat je er heel veel tijd aan wilt besteden? Dan heb je een gedragsverslaving.

Niet alleen in het professionele circuit is deze tendens te zien. Ook in het dagelijks taalgebruik komen therapeutische woorden steeds meer voor. Stress, burn-out, trauma, stoornissen, syndromen en ga zo maar door. We hebben steeds meer een taal ontwikkeld die ons als ziek en fragiel afschildert. Een taal die een diagnose stelt en een label geeft aan onszelf en anderen. We hebben een emotioneel defect, er is iets mis met ons.

Een diagnose krijgen dat je lijdt aan een geestelijke aandoening maakt een wezenlijk verschil. Het verschil tussen ziek zijn of gezond. Als je een tijdje slecht slaapt, geïrriteerd reageert en met tegenzin naar je werk gaat, en je labelt dit als een beginnende burn-out, dan ben je ziek. En als we ziek zijn, hebben we een medicijn nodig. Een expert of een pil. Als je daarentegen constateert dat je door een lastige periode heen gaat, ben je een gezond mens dat kampt met tegenslag. En dan kun je het zelf oplossen. Noch een expert, noch een pil nodig.

Een pleidooi voor gezonde taal is nodig en ook terecht. Nodig omdat zelfredzame individuen gelukkiger en productiever zijn dan zieke individuen. Nodig omdat een grote hoeveelheid zelfredzame individuen een zelfredzame samenleving vormen. Terecht omdat mensen veerkrachtig zijn, kunnen veranderen, intelligenter kunnen worden en zelf hun doelen kunnen formuleren en bereiken. Zonder hulp van buitenaf.

Veerkracht is namelijk normaal. Mensen kunnen de meest afschuwelijke gebeurtenissen goed doorstaan, pakken hun leven over het algemeen snel weer op en bereiken al vrij snel weer het geluksniveau dat ze hadden voor het noodlot toesloeg. We kunnen onze persoonlijkheid fundamenteel veranderen in een zo’n beperkte tijd als 2 jaar. Wat geldt voor onze persoonlijkheid geldt ook voor onze intelligentie en onze vaardigheden. Ook hoe slim we worden, kunnen we beïnvloeden en veranderen.

Ons brein is van de wieg tot het graf plastisch, oftewel ons brein kan ons hele leven lang leren en veranderen. Dus ook die vervelende gewoonte kun je zelfstandig veranderen. En mensen zijn heel goed in staat om zelf te bepalen wat goed voor ze is. Vaak zijn de oplossingen die mensen zelf bedenken ook nog eens veel beter dan oplossingen die door een expert worden bedacht.

Hier zijn vijf tips voor het gezond houden van je taal:lees verder